Baron-Cohen, Leslie en Frith breidden de almaar groeiende literatuur over de 'theory of mind' bij kinderen met een normale ontwikkeling uit naar autisme en toonden bij kinderen met deze handicap een verstoord begrijpen van de mentale wereld aan.
Theory of mind
Deze theorie gaat uit van de veronderstelling dat mentale toestanden (mental states) niet onmiddellijk observeerbaar zijn, maar dat ze dienen afgeleid te worden.
Executieve functies
In tegenstelling tot de 'theory of mind'-hypothese, kwam de executieve-functiestheorie niet uit de ontwikkelingsliteratuur. Sommige onderzoekers stelden vast dat bepaalde kenmerken van individuen met autisme leken op die van mensen met een specifiek hersenletsel.
Centrale coherentie
Uitgangspunt is de stelling dat typisch ontwikkelende mensen een neiging hebben om stimuli op een globalistische wijze te interpreteren, rekening houdend met de context. Mensen met autisme hebben daarentegen meer de neiging om de wereld in fragmenten te ervaren.