BUITENBEENTJES

Theory of mind

Deze theorie gaat uit van de veronderstelling dat mentale toestanden (mental states) niet onmiddellijk observeerbaar zijn, maar dat ze dienen afgeleid te worden.

Executieve functies

In tegenstelling tot de 'theory of mind'-hypothese, kwam de executieve-functiestheorie niet uit de ontwikkelingsliteratuur. Sommige onderzoekers stelden vast dat bepaalde kenmerken van individuen met autisme leken op die van mensen met een specifiek hersenletsel.

Centrale coherentie

Uitgangspunt is de stelling dat typisch ontwikkelende mensen een neiging hebben om stimuli op een globalistische wijze te interpreteren, rekening houdend met de context. Mensen met autisme hebben daarentegen meer de neiging om de wereld in fragmenten te ervaren.

Structuur

11 november, 2007 door Zindie

Voor mensen met een stoornis binnen het autistisch spectrum is het ervaren van structuur van groot belang. Daar waar een ieder het innerlijke vermogen heeft om zaken voor zichzelf te structureren mist dit bij mensen met ASS. Omdat ze innerlijke structuur missen, moet deze extern aangeboden worden.

Het onvermogen om te ordenen komt voort uit een gebrekkige centrale coherentie.

Er ontstaat chaos door een overvloed aan prikkels en informatie. Maar wat is structuur nou eigenlijk?

 

De 7 misverstanden over structuur volgens Peter Vermeulen 

  • Structuur is altijd hetzelfde doen, op de zelfde plaats en hetzelfde tijdstip.
  • Structuur maakt mensen met autisme nog rigider, stroever dan dat hij al is. (klopt wel als het zou betekenen; altijd hetzelfde doen)
  • Als we iemand met ASS structureren, dan is dat het zelfde als inperken en straffen.
  • Structuur moet in stabiele periodes afgebouwd worden.
  • Structuur =  werken met picto’s
  • Structuur is enkel nodig voor klassiek autisme.
  • Structuur is goed voor in de klas of in het werk, maar niet voor thuis.

 

Maar wat is dan wel structuur?

  1. Verhelderen, vereenvoudigen, concreet maken en visualiseren van de omgeving.

 

Kortom: Aanbrengen van structuur

Hoe?

  1. Biedt structuur in:        Tijd

                            Ruimte
                           
Activiteiten
                            Sociale situaties

 

1. In tijd:

Overzicht van activiteiten die plaats gaan vinden

Voorspelbaar dag en weekprogramma

Visuele of tactiele ondersteuning

Let op evenwicht tussen rust en activiteit

 

2. Ruimte:

  • Overzichtelijke ruimte
  • Prikkelreductie
  • Een soort gedrag koppelen aan een ruimte
  • Vaste plek
  • Materialen logisch ordenen
  • Visuele verwijzers

 

3. Activiteiten:

De structuur geeft de hoeveelheid, inhoud en volgorde aan van de stappen die binnen een activiteit gaan plaatsvinden

  • Visuele ondersteuning
  • Taken opsplitsen in deeltaken
  • Activiteiten met een duidelijk begin en eind

Let op generalisatie!

 

4. Sociale situaties:

  • Kunnen vertrouwen op de begeleider/ ouder
  • Voorbeeld geven, zo hoort het.
  • Regels
  • Social stories (script met concrete voorbeelden van een sociale situaties)
  • Beslissingsboom (zie stroomdiagram)

     

Het stellen van regels:

  • Regels die activiteiten verduidelijken
  • Gehoorzaamheidsregels
  • Regels voor sociale situaties


Regels moeten:

  • Helder en concreet zijn
  • Niet alleen duidelijk maken wat je niet wilt, maar ook wat WEL
  • Zonodig visueel gemaakt worden
  • Consequent en consistent nageleefd worden


Wat levert structuur bieden op? (doel)

  • Duidelijkheid
  • Flexibiliteit
  • Voorspelbaarheid
  • Zelfstandigheid
  • Vermindering van stress
  • Vermindering van probleemgedrag
  • Vermindering van preoccupatie