Deze theorie gaat uit van de veronderstelling dat mentale
toestanden (mental states) niet onmiddellijk observeerbaar zijn,
maar dat ze dienen afgeleid te worden.
In tegenstelling tot de 'theory of mind'-hypothese, kwam de
executieve-functiestheorie niet uit de ontwikkelingsliteratuur.
Sommige onderzoekers stelden vast dat bepaalde kenmerken van
individuen met autisme leken op die van mensen met een specifiek
hersenletsel.
Uitgangspunt is de stelling dat typisch ontwikkelende mensen een
neiging hebben om stimuli op een globalistische wijze te
interpreteren, rekening houdend met de context. Mensen met autisme
hebben daarentegen meer de neiging om de wereld in fragmenten te
ervaren.